Pinnen in Oostenrijk niet gratis bij de bank

Pinnen in Oostenrijk niet gratis bij de bank

Even snel twintig euro uit de muur halen voor een berghut, bakkerij of dorpsfeest? In Oostenrijk kan zo’n geldopname opvallend duur uitpakken. Pinnen in Oostenrijk is namelijk niet altijd gratis. Soms betaal je aan de eigenaar van de geldautomaat, soms aan je eigen bank en in het slechtste geval aan allebei.

Dat is extra vervelend, omdat je in Oostenrijk nog steeds niet helemaal zonder contant geld kunt. Sinds wij hier wonen, hebben we daarom bijna altijd enkele bankbiljetten op zak. Niet voor de supermarkt of het tankstation, maar juist voor die kleine bakker, berghut of het terras in een dorp waar plotseling alleen Nur Barzahlung geldt.

Waarom kost geld opnemen in Oostenrijk soms geld?

Het Nederlandse woord pinnen gebruiken we voor twee verschillende dingen: betalen met je bankpas en contant geld opnemen. Dat verschil is in Oostenrijk belangrijk. Betalen met een Nederlandse of Belgische debitcard is bij de meeste winkels gratis, maar een geldopname bij een automaat kan wel geld kosten.

Daarbij kunnen twee partijen kosten rekenen. De eigenaar van de geldautomaat mag een afzonderlijke gebruiksvergoeding vragen. Daarnaast kan je eigen bank kosten berekenen voor het opnemen van geld bij een vreemde automaat. Volgens Europese regels mag je bank voor een geldopname in euro’s in Oostenrijk niet meer rekenen dan voor een vergelijkbare opname bij een vreemde automaat in Nederland of België. Gratis hoeft het dus niet automatisch te zijn.

Eventuele kosten van de Oostenrijkse automaat moeten op het scherm verschijnen voordat je de transactie bevestigt. Dat laatste scherm is daarom belangrijker dan het logo op de voorkant.

De kosten verschillen zelfs binnen dezelfde bank

Bij Oostenrijkse banken is het vaak niet zo overzichtelijk als Nederlanders gewend zijn. Vooral Raiffeisenbank werkt min of meer volgens het oude coöperatieve model van de Rabobank. Achter hetzelfde groene logo zitten verschillende regionale en grotendeels zelfstandige banken.

Een Raiffeisenbank in Graz is daardoor niet automatisch dezelfde bank als een Raiffeisenbank in Wenen. Ze kunnen verschillende voorwaarden, rentetarieven en opnamekosten hanteren. Daar merk je als vakantieganger niets van, totdat je met een Nederlandse of Belgische kaart geld probeert op te nemen.

Buiten de steden kom je Raiffeisen het vaakst tegen. Juist in kleine dorpen, waar contant geld nog het meest van pas komt, is de groene automaat soms de enige in de wijde omgeving. Toch zou ik ook daar nooit gedachteloos op bevestigen drukken. Bij de ene regionale Raiffeisenbank kan de opname gratis zijn, terwijl een andere enkele euro’s rekent.

Zelf kies ik het liefst een geldautomaat die zichtbaar bij een echt bankfiliaal hoort. Naast Raiffeisen zijn dat bijvoorbeeld Erste Bank of Sparkasse, BAWAG, Bank Austria en Volksbank. Ook daar heb je geen garantie dat een opname gratis is, maar eventuele kosten worden vooraf op het scherm getoond.

Euronet-automaten kun je beter vermijden

pinnen in Oostenrijk niet altijd gratis

De opvallendste geldautomaten in Oostenrijk zijn meestal niet van een bank. Vooral de geel-blauwe automaten van Euronet duiken op steeds meer toeristische plekken op. Je vindt ze bij bezienswaardigheden, tankstations en winkels in drukbezochte plaatsen zoals Hallstatt.

In juli en augustus lijken ze helemaal overal te staan. Vaak staat zo’n automaat niet bij een bank, maar naast de ansichtkaarten in een souvenirwinkel of in een telefoonzaak met een groot bord ATM voor de deur. Die plek is bewust gekozen: vakantiegangers hebben snel contant geld nodig en willen niet eerst naar een bankfiliaal zoeken.

Wij slaan deze automaten standaard over. Euronet rekent in Oostenrijk momenteel doorgaans € 1,95 per opname. Neem je € 50 op, dan ben je alleen aan die vaste vergoeding al bijna 4 procent extra kwijt. Daar kunnen eventuele opnamekosten van je eigen bank nog bovenop komen. Een paar euro lijkt misschien weinig, maar bij meerdere geldopnames tijdens een vakantie loopt het bedrag ongemerkt op.

Ook andere losstaande automaten in telefoonwinkels, souvenirzaken en kleine toeristenwinkels zou ik vermijden. De tarieven kunnen afhankelijk zijn van de exploitant, het opgenomen bedrag en de gebruikte kaart. Zie je pas op het laatste scherm dat er een forse toeslag wordt gerekend? Kies dan voor Abbrechen en loop naar een gewone bank.

De oude waarschuwing dat een opname bij Euronet door wisselkoersen € 70 kan kosten, geldt niet voor Nederlandse of Belgische eurorekeningen. Oostenrijk gebruikt immers dezelfde munt. Het werkelijke gevaar zit in de combinatie van een vaste automaattoeslag, eventuele kosten van je eigen bank en meerdere kleine opnames.

Waarom heb je in Oostenrijk nog contant geld nodig?

Oostenrijkers zijn nog altijd opvallend gehecht aan contant geld. Volgens de Oostenrijkse centrale bank geeft 54 procent van de kleine en middelgrote ondernemingen de voorkeur aan cash. Contant geld biedt privacy, maakt uitgaven tastbaar en werkt ook wanneer een betaalterminal of internetverbinding uitvalt.

Voor kleine ondernemers spelen ook de kosten van een betaalterminal en kaarttransacties mee. Dat merk je vooral bij bakkerijen, slagerijen, marktkramen, kleine cafés en pensions. Een broodje van drie euro afrekenen met je telefoon vinden wij heel normaal, maar in een Oostenrijks dorp ligt er soms nog gewoon een schaaltje voor muntgeld naast de kassa.

In de bergen is de verklaring nog praktischer. Een berghut heeft lang niet altijd een stabiele internet- of mobiele verbinding. Zonder verbinding werkt een moderne betaalterminal niet betrouwbaar, terwijl een biljet van twintig euro het ook tijdens een onweersbui blijft doen. Neem daarom voldoende contant geld mee voordat je met een kabelbaan omhooggaat of aan een wandeling begint.

Mag een ondernemer extra kosten voor kaartbetaling rekenen?

Een aparte toeslag voor betalen met een normale particuliere Visa- of Mastercard-betaalpas is binnen de EU in principe niet toegestaan. Voor zakelijke kaarten en sommige kaarten zoals American Express bestaan uitzonderingen. Een Oostenrijkse ondernemer kan kaartbetaling wel helemaal weigeren of aangeven dat betalen met een kaart pas vanaf een bepaald bedrag mogelijk is.

Vraagt een bakkerij of restaurant toch twee euro extra omdat je met een Nederlandse debitcard wilt betalen, dan is dat dus niet automatisch toegestaan. In de praktijk heb je op vakantie natuurlijk weinig zin om bij de kassa een discussie over Europese betaalwetgeving te beginnen. Voor kleine bedragen blijft wat contant geld daarom de eenvoudigste oplossing.

Geld opnemen bij de supermarkt

Bij grote supermarkten zoals Spar, Billa, Hofer en Lidl kun je probleemloos met een Nederlandse of Belgische betaalpas afrekenen. Billa en Hofer (Aldi) biedt daarnaast Bargeld 2 go aan. Bij een aankoop kun je aan de kassa tot € 200 contant geld opnemen zonder een afzonderlijke vergoeding van Billa.

Volgens Billa werkt deze dienst met Maestro. Omdat Nederlandse banken Maestro inmiddels grotendeels hebben vervangen door Debit Mastercard of Visa Debit, kan het per kaart verschillen of de opname lukt. Vraag het daarom voordat de kassamedewerker je boodschappen aanslaat.

Dit is een handig alternatief wanneer je geen bankautomaat kunt vinden. Zelf zou ik er alleen niet op vertrouwen als enige manier om aan contant geld te komen. De kassa moet immers voldoende bankbiljetten hebben en jouw kaart moet door het systeem worden geaccepteerd.

Geld opnemen met Wise of Revolut

Wise en Revolut kunnen goedkoper zijn dan een gewone bank wanneer je vaker geld opneemt. Binnen de maandelijkse limiet van je kaart of abonnement rekent de kaartaanbieder meestal geen of relatief weinig eigen opnamekosten. Bij Wise kunnen Europese kaarthouders momenteel tot € 250 per maand zonder opnamekosten van Wise opnemen; bij Revolut hangt de limiet af van het abonnement.

Zo’n kaart maakt een dure geldautomaat echter niet gratis. Als Euronet of een andere commerciële exploitant € 1,95 of meer rekent, betaal je die toeslag ook met Wise of Revolut. Deze kaarten kunnen dus de kosten van je eigen bank beperken, maar vormen geen vrijbrief om iedere automaat te gebruiken.

Pinnen bij onbemande tankstations

Bij Oostenrijkse tankautomaten kun je meestal gewoon betalen met een Nederlandse of Belgische debitcard. Schrik alleen niet wanneer er plotseling € 150 op je rekening wordt gereserveerd. Bij JET wordt voor het tanken bijvoorbeeld eerst een limietcontrole van € 150 uitgevoerd. Uiteindelijk wordt alleen het bedrag afgeschreven waarvoor je daadwerkelijk hebt getankt.

Het gereserveerde bedrag kan nog enkele dagen zichtbaar blijven. Dat komt niet doordat “het internationale bankverkeer traag werkt”, maar doordat de tankautomaat vooraf wil controleren of er genoeg geld beschikbaar is. Hoe snel de reservering verdwijnt, hangt vooral af van je bank of kaartuitgever.

Voor reizigers met weinig ruimte op hun betaalrekening kan die tijdelijke blokkering wel lastig zijn. Tank je voor € 60, dan kan daarnaast nog enige tijd € 150 gereserveerd blijven. Met één tankbeurt is dat meestal geen ramp, maar bij meerdere tankautomaten achter elkaar kan het beschikbare saldo behoorlijk slinken.

Zo houden we de kosten laag

Wij betalen in Oostenrijk met onze kaart, waar dat zonder problemen kan, en bewaren het contante geld voor berghutten, markten en kleine ondernemers. Wanneer de portemonnee leegraakt, zoeken we bewust een automaat bij een bankfiliaal en nemen we genoeg op voor een paar dagen.

Euronet en automaten in vage telefoon- of souvenirwinkels laten we links liggen. En verschijnt er bij een gewone bankautomaat toch een onverwachte toeslag op het scherm, dan annuleren we de opname. Een paar minuten verder lopen is bijna altijd goedkoper dan tien procent betalen om twintig euro uit de muur te halen.