Vakantie in Opper-Oostenrijk
Oostenrijk deelt al jaren een top drie notering in de populaire vakantiebestemmingen met Duitsland, Frankrijk en Spanje. Wie dan kiest voor een vakantie in Oostenrijk reist dan vaak naar Tirol of naar Karinthië. Dat je best jammer want er is zoveel meer te zien en te doen in Oostenrijk. Een van deze onbekende vakantieregio’s is Opper-Oostenrijk. Bij de Oostenrijkers zelf beter bekend als Oberösterreich.
Waar ligt Opper-Oostenrijk?
Opper-Oostenrijk is het vierde Bundesland van Oostenrijk, ongeveer 12.000 km² groot – qua oppervlakte vergelijkbaar met de provincies Gelderland en Overijssel samen. Het grenst in het noorden aan Duitsland en Tsjechië, in het oosten aan Niederösterreich, in het zuiden aan de Steiermark en in het westen aan het Bundesland Salzburg. De hoofdstad is Linz, met 208.000 inwoners de op twee na grootste stad van Oostenrijk.
Het landschap loopt van dichte naaldbossen in het noorden, via het Donau-dal in het midden, naar de Alpen in het zuiden. De hoogste berg is de Hohe Dachtstein op 2995 meter, op de grens met de Steiermark. Grote steden zijn er nauwelijks — Linz is veruit de grootste, daarna komen Wels en Steyr.
Tips om te doen in Opper-Oostenrijk
- Bezoek Hallstatt het ansichtkaartdorp (en van de Frozen films)
- Ontdek één van de zoutmijnen in het Salzkammergut
- Bezoek de beroemde Stift Melk
- De Donauradweg kruist Opper-Oostenrijk en passeert steden en dorpjes zoals Grein
- Bezoek één of meerdere kastelen in Opper-Oostenrijk. Burg Grein of Schloss Ort.
- Bezoek het historische centrum van Gmunden en ga met de kabelbaan naar boven naar de Treeptop walk.
De vier historische kwartieren
Opper-Oostenrijk is sinds de Habsburg-tijd ingedeeld in vier kwartieren: Mühlviertel (noord), Innviertel (noordwest), Hausruckviertel (zuidwest) en Traunviertel (zuid). Die indeling is vooral administratief – voor de hedendaagse bezoeker zijn de toeristische regio's, die we hieronder bespreken, een stuk praktischer.
De acht toeristische regio's van Opper-Oostenrijk
Sinds 1 januari 2026 is Opper-Oostenrijk toeristisch opgedeeld in acht regio's, elk met een eigen karakter en focus. Een paar regio's zijn pas recent zo gaan heten — we vermelden de oude namen erbij voor wie ze nog tegenkomt.
Salzkammergut
Het bekendste deel van Opper-Oostenrijk: hier liggen Hallstatt, de Traunsee, Bad Ischl en het zoutmijngebied dat de regio zijn naam gaf. De Wolfgangsee ligt deels in Opper-Oostenrijk (de noordoostelijke oever met Sankt Wolfgang en de Schafbergbahn) en deels in Salzburgerland.
Hallstatt is het bekendste dorp, maar in de zomermaanden ook het drukste – wie dat wil vermijden, doet er goed aan in mei of oktober te komen. Aan de andere kant van de Hallstätter See ligt Obertraun, rustiger en met de Dachstein-grotten en de Krippenstein als eigen trekkers.
Gmunden met Schloss Ort en de Traunsee (191 meter diep) is een logische eerste stop als je vanuit Linz het Salzkammergut binnenrijdt. Bad Ischl, waar Franz Joseph en Sissi hun zomers doorbrachten, is een aangename halve-dagstop – koffie en taart bij Konditorei Zauner (sinds 1832), wandelen langs de Traun, en eventueel doorrijden naar de Wolfgangsee.
Lees meer over het Salzkammergut.
Donauregion Oberösterreich
De Donau doorkruist Opper-Oostenrijk van west naar oost, en de regio rondom is het hart van de fietsvakantie in dit Bundesland. De Donauradweg van Passau naar Wenen is een van de meest gefietste routes van Europa – vlak, langs de rivier, met sterke infrastructuur voor pendelfietsers. Onderweg kom je door Engelhartszell (met Stift Engelszell, de enige trappistenabdij van Oostenrijk), Schlögen met de beroemde Schlögener Schlinge – een hoefijzervormige dubbele bocht waar de Donau twee scherpe wendingen maakt – en Grein, een historisch stadje met het Stadttheater uit 1791, het oudste nog werkende theater van Oostenrijk. Voor wie liever vaart: er zijn regelmatig riviercruises tussen Passau en Linz, vooral in de zomermaanden.
Linz
Linz heeft niet de aaibaarheid van Salzburg of Wenen – als je iconische steden zoekt, ben je daar beter af. Voor wie van industriegeschiedenis, hedendaagse kunst en goedkopere koffiehuizen houdt, is Linz prima voor een tussenstop. Voestalpine, het staalconcern dat wereldwijd marktleider is in spoorrails, zit hier en heeft de stad lang gevormd.
Het Hauptplatz (13.200 m², een van de grootste oude stadspleinen van Oostenrijk) met zijn barokke gevels en de Dreifaltigkeitssäule uit 1723 is een goed startpunt. Vandaar loop je naar het Ars Electronica Center, gewijd aan technologie, AI en de toekomst – werkt vooral als je een halve dag tijd hebt en van interactieve installaties houdt, anders wordt het snel oppervlakkig. Aan de andere kant van de Donau brengt de Pöstlingbergbahn, een van de steilste tandradbanen in stadsverkeer ter wereld, je naar een uitzichtpunt boven de stad.
360° Alpenland (voorheen Pyhrn-Priel, Bad Hall, Steyr en Nationalpark Region)
Het zuiden van Opper-Oostenrijk, tegen de grens met de Steiermark. Sinds 1 januari 2026 zijn de voormalige regio's Pyhrn-Priel, Bad Hall, Steyr en de Nationalpark Region samengegaan onder de merknaam 360° Alpenland – een naam die verwijst naar de combinatie van bergen, stad, wellness en natuur binnen korte afstanden.
Het berggebied rond Pyhrn-Priel is de uitvalsbasis voor wie wil skiën of stevig wil wandelen. Hinterstoder en de Wurzeralm zijn de twee grootste skigebieden, beide gezellig en gezinsvriendelijk, beide aanzienlijk kleiner dan wat je in Tirol of Salzburg tegenkomt. In de zomer is dit wandel- en mountainbikegebied; het Tote Gebirge en het Sengsengebirge liggen hier vlakbij. Het Nationalpark Kalkalpen, het grootste aaneengesloten bosgebied van Oostenrijk, sluit er direct op aan – honderden kilometers wandelpaden, beken die tussen rotsen verdwijnen, en een populatie lynxen die er sinds 2011 weer leeft (al is de kans dat je er een ziet vrijwel nihil).
Steyr, een goed bewaarde historische stad aan het samenvloeien van de Enns en de Steyr, verdient een halve dag. Vooral in december: het nabijgelegen Christkindl huisvest het beroemde Christkindl-postkantoor, waar jaarlijks miljoenen brieven en kerstkaarten uit de hele wereld worden gestempeld. Bad Hall voegt de wellnesscomponent toe, met de Therme Mediterrana als basis.
Mühlviertel
Ten noorden van de Donau, glooiend granietlandschap dat oploopt tot 1378 meter aan de Tsjechische grens (Plöckenstein). Geen massatoerisme, veel rust, kleine dorpen en een opvallend hoge dichtheid aan kleine brouwerijen. Freistadt is de bekendste plek: een ommuurd stadje met intact gebleven stadspoorten en de Braucommune – een brouwerij die sinds 1770 in eigendom is van de inwoners van het stadje. Uniek in Oostenrijk.
Het Mühlviertel zet zich actief op de kaart als wielerregio. Het routeplatform velorama.at bundelt gravel- en racefietsroutes door het gebied, en het glooiende landschap met het weinige verkeer en de granieten ondergrond leent zich er goed voor. Wie een minder druk alternatief zoekt voor Limburg of de Ardennen: dit is een serieuze kandidaat.
Quellenviertel (voorheen Innviertel + Hausruckwald)
Sinds 1 januari 2026 gebundeld onder de naam Quellenviertel, ontstaan uit de fusie van vier toeristische verbanden in het westen van Opper-Oostenrijk. De regio profileert zich op wellness en bronwater (vandaar de naam), op de bier- en hopcultuur van het Innviertel, en op de boerderijvakanties in het Hausruckwald.
Het Innviertel grenst aan Beieren en lijkt er qua keuken en sfeer op. Schärding, een barok stadje aan de Inn met een kleurrijke huizenrij langs de waterkant, is een goede plek voor een stop.
Region Wels
De stad Wels en omgeving. Wels is de op één na grootste stad van Opper-Oostenrijk, maar de toeristische regio richt zich primair op gasten uit Oost-Oostenrijk. Voor de Nederlandse of Belgische bezoeker is dit doorgaans geen primaire vakantiebestemming – eerder een doorgangs- of zakelijke regio.
Klimaat: wanneer ga je het beste?
Opper-Oostenrijk heeft vier duidelijke seizoenen. Van mei tot half juni bloeit alles, is het rustig en zijn de temperaturen comfortabel (15 – 22 °C) – onze persoonlijke favoriet, mits je een paar regenbuien voor lief neemt.
Van half juni tot half september is het hoogseizoen: warm tot heet (25 – 32 °C), met zomerse onweersbuien die heftig kunnen zijn. Hallstatt zit in die maanden tegen zijn daglimiet; de kleinere dorpen zijn druk, maar niet onmogelijk.
Van half september tot eind oktober is het herfst, vaak nog mild, met mooie kleuren en aanmerkelijk minder drukte – de beste tijd voor wandelen.
In de winter (december tot maart) is het sneeuwzeker boven 1500 meter. De skigebieden in Opper-Oostenrijk (voornamelijk in het 360° Alpenland) zijn klein tot middelgroot en aanzienlijk goedkoper dan wat je in Tirol of Salzburg betaalt.
Voor wie de bergen ingaat: kijk altijd de weersverwachting na. Zomerse onweersbuien in de Alpen onderschatten is een klassieke beginnersfout.
Bezienswaardigheden in Opper-Oostenrijk

Bezienswaardigheden in Opper-Oostenrijk
Wie niet alle zeven regio's wil doorlezen: dit zijn de plekken die het vaakst terugkomen als mensen ons vragen wat ze in Opper-Oostenrijk moeten zien.
Hallstatt en Obertraun aan weerszijden van de Hallstätter See zijn de bekendste — Hallstatt voor het plaatje, Obertraun voor de Dachstein-grotten en de rust.
Gmunden met Schloss Ort aan de Traunsee is een logisch startpunt voor het Salzkammergut, en Bad Ischl biedt het keizerlijke verhaal plus de beste taart van het Bundesland (Konditorei Zauner, sinds 1832).
De Donauradweg trekt een ander publiek: fietsers die van Passau naar Wenen rijden en onderweg Schlögen, Linz en Grein meepakken.
En wie authentiek Opper-Oostenrijk zoekt zonder toeristische drukte, vindt dat in Freistadt — het ommuurde stadje met de brouwerij die eigendom is van de inwoners.
Hoe kom je in Opper-Oostenrijk?
Met de auto
Vanaf de Nederlandse grens reken je op zo'n 9 tot 10 uur rijden. Vanuit Duitsland volg je de A3 richting Passau; na de grensovergang loopt die door als A8 richting Wels en Linz. Vergeet niet een tolvignet te kopen vóór je de grens overgaat.
Met de trein
Opper-Oostenrijk is goed verbonden met het internationale spoor. Bijna alle Railjet en Nightjet-verbindingen vanuit Duitsland stoppen in Linz of in Wels. De Nightjet vanuit Amsterdam stopt 's ochtends in Linz na een nacht slapen (controleer de actuele dienstregeling op de website van NS International voor vertrek- en aankomsttijden).
Binnen Opper-Oostenrijk rijdt de ÖBB, met Linz, Wels en Attnang-Puchheim als belangrijkste knooppunten. Niet alle dorpen zijn even goed verbonden – voor het Salzkammergut werkt de Salzkammergutbahn prima, voor het Mühlviertel is een auto handiger.
Met het vliegtuig
Linz heeft een eigen vliegveld (LNZ), maar daar vliegt vanuit Nederland of België niets direct heen. De handigste opties zijn vliegen op Wenen of op Salzburg. De luchthaven van Salzburg wordt door Transavia bediend in de wintermaanden, niet dagelijks. Meer informatie over de vliegtickets van Transavia naar Oostenrijk. Vanaf beide vliegvelden ben je in 1 tot 1,5 uur met de trein in Linz.
Overnachten in Opper-Oostenrijk
Het aanbod loopt van eenvoudige boerencampings tot vier- en vijfsterrenwellnesshotels, met daartussen veel Gasthöfe — Oostenrijkse familiepensions, doorgaans goed geprijsd en vaak met stevige regionale maaltijde op de menukaart.
Een boerderijvakantie via Urlaub am Bauernhof is vooral aan te raden met kinderen (rond € 60–100 per kamer per nacht inclusief ontbijt). In dorpjes als Sankt Wolfgang, Gosau of Hinterstoder biedt een gasthof of pension een kamer voor twee rond € 100–140, vaak inclusief stevig ontbijt. Wie meer comfort zoekt: wellnesshotels rond de Traunsee, Wolfgangsee of Bad Schallerbach beginnen vanaf € 180 per nacht en hebben in het laagseizoen scherpere prijzen.
Kamperen is vooral in de Donau-vallei goed te doen. Rond Linz, Engelhartszell en Grein liggen meerdere campings op de Donauradweg, gericht op zowel campers als fietsers met een klein tentje. In het Salzkammergut zijn er ook campings (Hallstatt en Obertraun met name), maar in juli en augustus is van tevoren reserveren noodzakelijk – soms al maanden van tevoren.
Vakantie in Oberösterreich
In één Bundesland heb je enkele van de bekendste Oostenrijkse meren (Hallstätter See, Wolfgangsee, Traunsee), een van de meest gefietste rivierroutes van Europa (de Donauradweg), gezinsvriendelijke skigebieden zonder Tirol-prijzen (360° Alpenland), en uitgestrekte rustige regio's voor wie de massa wil ontlopen (Mühlviertel, Quellenviertel).
Wie voor het eerst gaat, begint logischerwijs in het Salzkammergut. Wie terugkomt, ontdekt het Mühlviertel op de fiets of het Nationalpark Kalkalpen te voet.
